|
24/10 - Mario Hermans
verrassend sterk als laatste man:
Als het aan mij ligt blijf ik daar staan
Het gebeurt in het voetbal vaker dat spelers naarmate
ze ouder worden een linie (of twee) verder naar achter gaan spelen.
Het is sowieso zo dat vrijwel alle topverdedigers
bij de jeugd aanvaller waren en pas als junior of jonge senior omgebouwd
werden tot verdediger.
 |
| Een vreemd gezicht: aanvaller Mario
Hermans tussen zijn mandekkers Kenneth Boons (r.) en Jurgen
Van de Velde |
Vincent Kompany is misschien het bekendste, recente
voorbeeld van een speler die als knaap nog in de spits speelde,
maar ook de linksachter van Barcelona, Giovanni Van Bronckhorst
begon bij Feyenoord ooit als linksbuiten en zelfs Ruud Gullit -
toch vooral bekend van zijn goals bij AC Milan - speelde zowel bij
zijn club als in het Nederlands elftal regelmatig laatste man.
Dat zijn echter allemaal stevige kerels van 1m85
of meer.
Merksem SC-aanvaller Mario Hermans is dat bij lange
na niet.
Sterk is hij ook niet, eerder fragiel.
Toch speelt Hermans nu al twee wedstrijden op de
positie van laatste man in het eerste elftal van Merksem.
Hermans doet dat goed bovendien, vindt hij zelf
ook.
Ja, het loopt redelijk. Nu Tom (Viroux, red.)
en Michael (Bridoux, red.) allebei gekwetst zijn had de trainer
eigenlijk geen andere keuze. Nee, ik had dat nog niet zo heel vaak
gedaan. Twee jaar geleden bij Katelijne moest ik eens een keer noodgedwongen
op die positie spelen en in de voorbereiding is het een keer een
helft voorgevallen. Maar het is geen ingewikkelde positie hè.
Je hebt het spel voor je en bovendien staan er twee ijzersterke,
goed op elkaar ingespeelde mandekkers naast me. Voor mij is het
eerder een kwestie van rugdekking geven, goed positie kiezen en
hier en daar van achteruit wat bijsturen. Bovendien kan ik met mijn
snelheid veel compenseren, legt hij uit.
Hermans heeft met zijn 33 jaar bovendien voldoende
routine, hij kent het klappen van de zweep: Maar het blijft
toch wennen. Ik ben gewend als aanvaller te denken, vooruit. Nu
moet ik ineens defensief denken en ben ik vooral bezig met het voorkomen
van doelpunten in plaats van ze te maken.
Het is voor trainer Filip Vandooren prettig om
te weten dat hij meerdere opties heeft voor de positie van laatste
man, en mocht Hermans het goed blijven doen dan lijkt het niet evident
dat Viroux of Bridoux hun plek automatisch terugkrijgen wanneer
ze weer fit zijn.
Ach, die keuze is aan de trainer. Hij heeft
er in ieder geval een optie bij. Hij kan er straks voor kiezen om
mij te laten staan of toch te opteren voor een gevestigde waarde.
Maar ik zou er geen problemen mee hebben de rest van het seizoen
laatste man te spelen. Als het aan mij ligt blijf ik daar staan.
Wat betreft het verdere verloop van het seizoen
is Hermans, zeker na de winst op Duffel van afgelopen zondag, positief
gestemd, al beseft hij ook dat veel zal afhangen van wat er de komende
weken gebeurt.
Mochten we de wedstrijd tegen Tielen niet
met een positief resultaat - winst dus - kunnen afsluiten, dan is
de bonus van de zege op Duffel natuurlijk weer weg. De wedstrijd
van zondag is dus echt heel belangrijk. Maar ik denk dat onze prestatiecurve
een stijgende lijn vertoont. In het begin waren we nog heel erg
zoekende naar de automatismen. Maar de foutjes die we in het begin
maakten zie ik steeds minder. Er is gewerkt aan de details die het
verschil maken tussen 1e en 2e Provinciale. Je ziet ook dat we langer
in de wedstrijd blijven. Tegen St. Lenaarts ging het nog juist mis
en speelden we gelijk, maar tegen Duffel wisten we de voorsprong
wel vast te houden. Dat is vooruitgang.
Na Tielen volgen Lichtaart en Wuustwezel, twee
clubs die ook in de onderste helft van de rangschikking zijn terug
te vinden.
Ik weet dat het gevaarlijk is om te zeggen,
maar we zouden uit die drie matchen echt 7 op 9 moeten scoren om
te bewijzen dat wij in staat zijn ons te handhaven. En daar is het
ons uiteindelijk allemaal om te doen.
Arjan Plantinga
|