27/11 - Gilbert Verstraelen: “Eigenlijk wilde ik coiffeur worden.....”

Hij woont al bijna heel zijn leven in Merksem, was lid van de eerste districtsraad na de fusie, gemeenteraadslid van Antwerpen en uiteindelijk zelfs schepen. Vandaag stellen we hem wat nader aan u voor: gemeenteraadslid Gilbert Verstraelen (1957)

Gilbert Verstraelen werd welliswaar geboren in Antwerpen, in de schaduw van de kathedraal, maar hij verhuisde met zijn ouders op twee-jarige leeftijd naar Merksem. Sinds die tijd woont hij op de Bredabaan. “Ik groeide heel beschermd op. Mijn ouders waren middenstanders en we kwamen nooit iets te kort. Ik had er vroeger dan ook geen idee van dat er ook in Merksem armoede kon bestaan, want ik dacht dat iedereen het hier zo goed had als wij.”

Zijn eerste herinneringen van Merksem zijn die van het gemeentepark en de Bredabaan. De Bredabaan bood toen echter nog niet de desolate aanblik van nu. “Het was een gezellige straat met een grote verscheidenheid aan winkels. Ook hadden de winkels toen iets meer klasse en trokken ze veel meer publiek. Vanaf '83 is het echter snel achteruit gegaan. De verloedering was enorm na de fusie.”

Tijdens zijn jeugd was het nog absoluut niet duidelijk dat hij in de politiek zou belanden, dat kwam pas toen hij studeerde. “Ik was tot mijn zestiende een beetje stil en teruggetrokken. Ik deed niet echt mee in het verenigingsleven. Dingen als chiro en scouts vond ik allemaal veel te militaristisch. Eén dag ben ik bij de welpjes geweest en kreeg meteen al een heel pakket insignes mee die ik op mijn kleding moets naaien, maar ik heb ze meteen in de prullenmand gekapt.” De kleine Gilbert wilde toen nog coiffeur worden. “Ja, ik vond het altijd heel gezellig bij de coiffeur,” zegt hij lachend.

Zowel de lagere school als het secundair onderwijs volgde hij aan het Koninklijk Atheneum op de Melgesdreef waar hij Grieks-Latijns deed. Met het oog op de arbeidsmarkt raadde iedereen hem af die richting te kiezen, maar het was wat hem het meest interesseerde. “In de mathematische vakken was ik niet zo goed. En achteraf vind ik dat helemaal niet erg. Ik kan me namelijk niet herinneren dat ik de stelling van Pythagoras na mijn achtiende ooit nog nodig heb gehad.”

Het was op het Atheneum dat de interesse voor filosofie en later ook politiek voor het eerst - zei het maar mondjesmaat - gewekt werd. “Ik had het geluk dat daar een aantal fantastisch goede leerkrachten werkte. Op veel scholen wordt alleen de droge stof erin gestampt, maar daar werd ook veel aandacht besteed aan de context en de diepere betekenis van de feiten. Vooral mijn leraar engels en duits, de heer Selleslags was een heel aparte man die toch wel van grote invloed op mij is geweest. Zo sprak hij al in de jaren zeventig al over de negatieve invloed van de ver-amerikanisering.”

Doordat hij Grieks-Latijns deed las hij natuurlijk ook de oude Griekse klassiekers van Plato, Aristoteles en Aristophanes. “Via hen kom je vanzelf al snel tot een wat filosofischer kijk op het leven en de zin daarvan. De stap naar politiek is daarna niet groot meer.” Op zijn zestiende was er derhalve van de stille teruggetrokken Gilbert niet veel meer over. Zijn ogen waren geopend en de latere politicus en idealist begon vorm te krijgen.

In die tijd werd hij ook actief in het vrijzinnige jongerenhuis De Schuur in de Gijselstraat. “Maar dat was vooral voor de lol. Het was als 16-jarige onze uitgaansgelegenheid waar we konden biertjes tappen en muziek draaien gelijk wij wilden. Pas toen ik op de tolk-vertalerschool zat ben ik ook in Antwerpen gaan stappen, maar echt een disco-freak ben ik nooit geweest.”

Tijdens zijn opleiding aan het Hoger Instituut voor Vertalers/Tolken in de Schildestraat in Antwerpen werd voor het eerst politiek actief. “Ik werd lid van de Socialistische Studenten Vereniging. Het was allemaal erg boeiend, hoewel nogal theoretisch. In die tijd werd ik ook lid van de Merksemse tak van (toen nog) de BSP. Omdat vrijwel tegelijk met mij nog twaalf jongeren lid werden van die afdeling werd er geopperd om een eigen jongeren afdeling op te richten. Onder die twaalf was toen ook de huidige districtsschepen André Keulemans.”

Hij werd lid van de BSP omdat hij dacht wat te kunnen veranderen, hoewel hij zich niet direct aangetrokken voelde tot de BSP. “Maar ik zag in de wereld een gebrek aan solidariteit en vond dat de welstand oneerlijk verdeeld was. Het kwam allemaal uit een gevoel van onrechtvaardigheid dat ik wilde omzetten in daden. Ik vond dat we leefden in een klasse-maatschappij en moet nu 25 jaar later helaas vastellen dat daaraan niets is veranderd.”

Na zijn dienstplicht ging hij aan de slag als Sociaal Inspecteur bij de RVA. Iets wat hij nu nog steeds met veel plezier doet. Het was in die vroege jaren tachtig dat hij betrokken was bij 'Doorbraak', een beweging rondom Karel van Miert, die de oude structuren van de socialistische partij wilde doorbreken. “Daarin zaten mensen van de vakbonden, het toen nog piepkleine Agalev, de vredesbeweging en van de Oxfam-wereldwinkel. Het was een heel boeiende tijd en eigenlijk het begin van wat Patrick Janssens nu probeert door te zetten met de twijfelachtige pogingen om de SP, Spirit en Agalev onder een paraplu samen te brengen.”

In 1983 startte hij met zijn eerste officiële ambt als lid van de toen al geheel onthandde districtsraad in Merksem - de eerste na de fusie met Antwerpen. “Na de fusie had die districtsraad natuurlijk weinig meer te zeggen. We konden alleen adviezen geven. Maar toch kon je er een hoop ervaring opdoen als politicus, en soms kwamen er wel eens ideeën wat verder dan het districtshuis.”

Via de districtsraad kwam hij dan in 1988 op het kabinet van minister Colla terecht. Hij was toen net verkozen in de Antwerpse gemeenteraad en beheerde voor Colla de Antwerpse dossiers. Dit was uiteraard een ideale voorbereiding voor zijn latere job als schepen. Tot die tijd hield hij ook een kunst-gallerie open op de Bredabaan “Maar op den duur waren mijn job bij de RVA, mijn taak als gemeenteraadslid en het open houden van die gallerie niet meer te combineren dus heb ik hem moeten sluiten.”

Zijn hoogtepunt beleefde hij in 1994 toen hij werd aangesteld als Schepen van Onderwijs, Sport en Recreatie. Eerst als vervanger van de zittende schepen die er mee ophield, maar in oktober van dat jaar voor een eigen ambstermijn van 6 jaar.

Een succesvolle periode als schepen vindt hij zelf en ook anderen binnen het Antwerpse politieke wereldje. Veel mensen zouden hem graag weer terug op zijn plek zien, zo wordt gezegd. “Ik heb in die zes jaar ook voor Merksem een hoop goeds kunnen doen. Zo heb ik de topsportschool in de Bartholomeusstraat kunnen uitbreiden, net als de academie, we hebben de accommodatie van het kinderdagverblijf in de Borrewaterstraat kunnen verbeteren, we hebben een eerste aanzet gegeven tot het oplossen van de wateroverlast en we hebben kunnen voorkomen dat het gebied ten noorden van de IJsvogelstraat verkaveld en bebouwd werd.”

Toch zat er geen tweede periode als schepen in. Hij moest uiteindelijk wijken voor onenigheid met de politieke leiding van de SP.A. (Lees: Patrick Janssens) die vond dat er in de nieuwe legislatuur periode nieuwe gezichten een kans moesten krijgen. “Dat was een iets minder gezellige tijd,” geeft hij toe. “Er zijn wel wat dingen die ik achteraf gezien misschien iets beter had kunnen doen, maar spijt heb ik nergen van.”

Naast zijn baan bij de RVA en de 30 uur die hij per week kwijt is aan zijn taak als gemeenteraadslid van Antwerpen blijft er weinig vrije tijd over. De vrije tijd die hij heeft besteed hij aan culturele dingen en aan het tuinieren. “Ik luister zeer graag naar muziek, en probeer sinds kort ook wat te beeldhouwen. Vroeger wilde ik wel eens wat in elkaar boetseren, maar meestal ontbrak de tijd daarvoor.”

Voor een ding neemt hij echter al twintig jaar wel elke zomer ruimschoots de tijd: een reis naar Italië en Griekenland, waar hij een huis aan het bouwen is. Al meer dan twintig jaar maakt hij die reis. Hij bezoekt er vrienden en heeft inmiddels vrijwel alle klassiek plaatsen in de oude wereld wel bezocht. “Nu is het toch al meer een vakantie geworden. Deze zomer ben ik er zelfs in geslaagd tien boeken uit te lezen.”

Arjan Plantinga

terug start reageer lees de reacties
   

Omhoog

privacybeleid

Omhoog

©ALP

web
analytics

Adverteren